ECLI:NL:PHR:2017:1453
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Herziening snelheidsovertreding wegens niet opgenomen bestuurdergegevens in dossier
De zaak betreft een snelheidsovertreding begaan door een onbekend gebleven bestuurder van een personenauto waarvan de aanvrager eigenaar is. De aanvrager werd veroordeeld door de kantonrechter, waarna het hof hem niet-ontvankelijk verklaarde in hoger beroep vanwege te late indiening.
De aanvrager diende een verzoek tot herziening in bij de Hoge Raad op grond van een novum: hij had tijdig de naam en het volledige adres van de bestuurder bekendgemaakt, maar deze gegevens waren abusievelijk niet in het strafdossier opgenomen. Hierdoor was de kantonrechter niet op de hoogte van deze informatie en kon hij deze niet meewegen.
De Hoge Raad oordeelt dat dit een gegeven als bedoeld in art. 457 lid 1 onder Pro c Sv betreft en verklaart de herzieningsaanvraag gegrond. De zaak wordt terugverwezen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden voor een nieuwe inhoudelijke behandeling op grond van art. 472 lid 2 Sv Pro.
De stukken tonen aan dat de aanvrager op een daartoe bestemd antwoordformulier en in een brief aan de kantonrechter de persoonsgegevens van de bestuurder heeft doorgegeven. Deze documenten zijn echter niet in het dossier terechtgekomen. De Hoge Raad benadrukt dat de niet-ontvankelijkverklaring in hoger beroep en de onherroepelijkheid van het vonnis geen belemmering vormen voor herziening op basis van dit novum.
De Hoge Raad beveelt tevens, indien nodig, opschorting of schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis van de kantonrechter. De zaak wordt verwezen voor nieuwe behandeling, waarbij het hof de mogelijkheid heeft om de officier van justitie niet-ontvankelijk te verklaren indien het novum juist was geweest.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herzieningsaanvraag gegrond en verwijst de zaak naar het hof voor nieuwe behandeling.