Conclusie
Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden
1.Inleiding
2.De feiten en het geding in feitelijke instanties
Feiten
21. het aangesloten goede doel heeft minimaal IDEAL als betalingsvorm geactiveerd in de donatiemodule van Stichting [X] waarbij de betaling verloopt via tussenpersoon Stichting [X] .
€0,25 (kosten per jaar, inclusief BTW: € 577) ; in haar nota van repliek (Rechtbank) heeft belanghebbende aangevoerd dat in het geval een individueel goed doel zelf een site zou bouwen en de betaalmodule zelf zou implementeren de kosten voor de betaalmodule
€49, inclusief BTW, per maand zou bedragen (kosten per jaar, inclusief BTW: bijna € 600). De Inspecteur heeft hetgeen door belanghebbende is gesteld niet, dan wel onvoldoende, weersproken. Het Hof wijst er in dit verband op dat de bij belanghebbende aangesloten goede doelen die gebruik maken van de donatiemodule voor een belangrijk deel kleinere organisaties betreffen. De donaties die door deze kleinere organisaties worden ontvangen zullen relatief en absoluut bescheiden zijn, hetgeen betekent dat de inhouding per individueel aangesloten goed doel in absolute zin eveneens beperkt zal zijn. In 2011 (het laatste jaar voordat belanghebbende door de Inspecteur niet langer als anbi is aangemerkt) hebben circa 1.600 goede doelen van de donatiemodule gebruik gemaakt en is een bedrag van € 96.696 ingehouden op donaties, hetgeen een gemiddelde inhouding per goed doel oplevert van € 60,43. Het Hof is zich ervan bewust dat in de praktijk ten aanzien van de afzonderlijke goede doelen meer en minder dan genoemde € 60,43 zal zijn ingehouden, maar heeft wel de overtuiging bekomen dat de ingehouden bedragen in bijna alle gevallen ver onder de door belanghebbende gestelde commerciële tarieven zullen liggen. Voor de overige door belanghebbende verrichte diensten (waaronder informatie, kennis, de website) wordt in het geheel geen vergoeding in rekening gebracht. Indien de kosten van belanghebbende volledig zijn gedekt wordt niet langer een bijdrage voor gebruikmaking van de donatiemodule verlangd. In haar hoger beroepschrift heeft belanghebbende gesteld dat in december 2011 geen inhoudingen hebben plaatsgevonden. Ter zitting heeft belanghebbende onweersproken gesteld dat in 2008 tot en met 2012 steeds aan het einde van het jaar 100 % is uitbetaald en derhalve geen inhoudingen hebben plaatsgevonden.
Kamerstukken II2011/12, 33 006, nr. 6, p. 8 en 9).
3.Het geding in cassatie
BNB2006/267 zou namelijk volgen dat aan de vraag of met belanghebbendes werkzaamheden om enigerlei reden (indirect) het algemeen belang is gediend, geen betekenis toekomst. [8]
4.Wetgeving, parlementaire geschiedenis, jurisprudentie, literatuur en beleid
Wetgeving
BNB2012/89 verwijst de Hoge Raad naar het arrest HR
BNB2006/267. De HR heeft in
BNB2012/89 overwogen: [30]
BNB2012/89 geannoteerd:
BNB2012/228 heeft de Hoge Raad onder verwijzing naar HR BNB 2012/89 een tweetrapstoets aangelegd: [32]
BNB1960/296 (Minerva-arrest) geoordeeld dat werkzaamheden die op zichzelf slechts dienstbaar zijn aan een particulier belang niet kunnen worden aangemerkt als algemeen belang, ook niet als daar zijdelings een gunstige werking op het algemeen nut van uitgaat: [33]
BNB1981/28 heeft de Hoge Raad als volgt geoordeeld over de activiteiten van een voetbalvereniging: [35]
BNB1986/103 (Muziekschriftarrest) overwogen: [36]
BNB1994/280 is na verwijzing door de Hoge Raad en de uitspraak van Hof Arnhem wederom in cassatie gegaan. In het daaropvolgende arrest HR
BNB1997/67 heeft de Hoge Raad duidelijk gemaakt dat de beoordeling van de mate waarin activiteiten primair het algemene of een particulier belang dienen geschiedt ten aanzien van alle activiteiten gezamenlijk. De Hoge Raad heeft in HR
BNB1997/67 als volgt overwogen: [38]
BNB2012/89 (Woningcorporatie) bepaald dat van een instelling die uitsluitend in het belang van de volkshuisvesting werkzaam is, in het algemeen mag worden aangenomen dat haar werkzaamheden rechtstreeks zijn gericht op het dienen van het algemeen belang. Het is aan de inspecteur om feiten te stellen, en bij betwisting aannemelijk te maken, waaruit kan blijken dat het algemeen belang niet wordt gediend: [41]
BNB2006/267. [43] Zie voorts de onderdelen 4.1 tot en met 4.17 van de conclusie van A-G Wattel bij HR
BNB2012/89. [44] En verder het boek ‘Geefwet’ van S.A. Stevens. [45]
NTFR2015/361 als volgt becommentarieerd:
BNB2015/96 bij dit besluit geannoteerd:
5.Beschouwing en beoordeling van het middel
Inleiding
et ceterainzamelt ter verwezenlijking van de eigen algemeen nuttige doelstelling, worden bij pure loketinstellingen giften onder aanwijzing van de donateur aan een derde begunstigde gedaan. Op het moment dat deze derde de schenking aanvaardt, is sprake van een schenking rechtstreeks aan deze persoon. Tot de aanvaarding van de schenking, behoort de gift in principe nog tot het vermogen van de schenker. [80]
rechtstreeksmoeten zijn gericht op het dienen van enig algemeen belang. Het is niet voldoende als de activiteiten van een instelling niet meer bewerkstelligen dan zijdelingse effecten of uitstralingseffecten op het algemeen belang. [95] In zo een geval zullen andere, waaronder particuliere, belangen prevaleren, zodat de status van anbi niet kan worden bereikt. Daaraan kan dan niet afdoen dat met het dienen van die belangen mede indirect een algemeen belang wordt gediend.