AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Cassatie in grensrechterzaak medeplegen doodslag en geweldpleging
Op 2 december 2012 vond tijdens een jeugdvoetbalwedstrijd een gewelddadig incident plaats waarbij de grensrechter werd geslagen en geschopt door spelers van het team Nieuw Sloten, waaronder de verdachte. Het slachtoffer overleed de volgende dag aan de gevolgen van de opgelopen verwondingen.
Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeelde de verdachte tot 24 maanden jeugddetentie, deels voorwaardelijk, wegens medeplegen van doodslag en openlijk geweld plegen. Tevens werden schadevergoedingen toegewezen aan de benadeelde partijen.
In cassatie werden diverse middelen aangevoerd, onder meer over de bewijswaardering, betrouwbaarheid van getuigenverklaringen, opzet, causaliteit en de toegewezen schadevergoedingen. De Hoge Raad oordeelde dat het hof de bewijsmiddelen zorgvuldig had gewogen, de verklaringen van getuigen betrouwbaar waren geacht en het causaal verband tussen het geweld en het overlijden van het slachtoffer met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid was vastgesteld.
Ook de klachten over het ontbreken van genetisch onderzoek naar een mogelijke zeldzame vaatziekte bij het slachtoffer werden verworpen, omdat het hof aannemelijk had gemaakt dat dit niet noodzakelijk was. De klachten over de schadevergoedingen en de ontvankelijkheid van de vorderingen werden eveneens afgewezen. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Cassatieberoep verworpen; veroordeling medeplegen doodslag en geweldpleging bevestigd.
Voetnoten
1.Deze zaak hangt samen met de zaken tegen [medeverdachte 7] (14/00096), [medeverdachte 2] (14/00111), [medeverdachte 3] (14/00126), [medeverdachte 5] (14/00289), [medeverdachte 1] (14/00110) en [medeverdachte 6] (14/00408). In al die andere zaken zal ik ook vandaag concluderen.
2.Het betreft hier één cassatieschriftuur die in alle zeven samenhangende zaken (zie de vorige voetnoot) tegelijk is ingediend.
3.De voetnoten laat ik omwille van de leesbaarheid achterwege.
4.Aan het bedoelde proces-verbaal is een verminkte versie van de pleitnota gehecht. Namens mij is een complete versie van de pleitnota bij het Hof opgevraagd. Aan dat verzoek heeft het Hof gevolg gegeven.
5.Dit blijkt uit de laatste pagina van de pleitnota van mr. Plasman, zoals die aan het proces-verbaal van de in november en december 2013 gehouden zittingen in hoger beroep is gehecht.
6.In de desbetreffende pleitnota ontbreekt een paginanummering, maar het hier geciteerde gedeelte staat op p. 4 t/m 6 van die pleitnota.
7.In zijn algemene bewijsoverweging geeft het Hof zelf aan dat de foto’s met grote terughoudendheid moeten worden geïnterpreteerd, onder meer “ten aanzien van de exacte onderlinge afstanden tussen de betrokkenen. Dit geldt nog sterker voor die foto's die zijn genomen met gebruikmaking van een telelens”. In zijn pleitnota heeft de raadsman daar ten aanzien van foto IMG_9150 expliciet op gewezen: “Uit de foto kan niet worden afgeleid hoe groot de onderlinge afstanden waren, althans niet in de diepte”. Ik merk daarbij op dat deze foto geïnsereerd is in het proces-verbaal van de terechtzitting (zie p. 8) en inderdaad een bedrieglijke vertekening van de afstand in de diepte te zien geeft. De middencirkel lijkt direct achter de afrastering te liggen. De speler die volgens de voorzitter van het Hof de verdachte is en die door verschillende getuigen is aangewezen, staat met zijn rug naar de lens, terwijl zijn voeten achter de boarding schuil gaan. Dat maakt het nog moeilijker om de onderlinge afstand te zien.
8.Dit blijkt onder meer uit p. 8 van het proces-verbaal van de inhoudelijke behandeling van de zaak van medeverdachte [medeverdachte 6], van welk stuk de Hoge Raad ambtshalve kennis kan nemen. In het arrest in die zaak stelt het Hof op p. 7 vast dat [betrokkene 2] heeft gepoogd zijn vader te ontzetten door diens belagers weg te duwen.
9.De foto geeft het moment weer waarop [medeverdachte 2], één van de belagers, door de keeper van Buitenboys, omver wordt geduwd. De foto lijkt genomen vlak vóór het moment waarop de toesnellende [betrokkene 2] zich in de strijd mengt.
10.Dit wordt geïllustreerd door het feit dat [medeverdachte 6], de andere speler die door [betrokkene 2] werd aangewezen, door het Hof is vrijgesproken van het primair tenlastegelegde. In diens zaak was er minder steunbewijs en oordeelde het Hof dat de verklaring van [betrokkene 2] “onvoldoende concreet” was (zie p. 13 van het desbetreffende arrest).
11.Zie p. 5 van het bestreden arrest waar onder het kopje “6 Algemene uiteenzetting gang van zaken 2 en 3 december 2012” wordt vermeld: “Op zondag 2 december 2012 speelde voetbalteam Buitenboys B3 thuis een competitiewedstrijd tegen Nieuw Sloten B1 op één van de kunstgrasvelden van het terrein van Buitenboys B3.
12.Zie het proces-verbaal van de zitting in eerste aanleg van 29 mei 2013, p. 5.
13.Zie onder meer HR 20 maart 2001, ECLI:NL:HR:2001:AB0607, waarin het slachtoffer, van wie vaststond dat hij hartklachten had, overleed ten gevolge van hartritmestoornissen die werden opgewekt door de hevige emotie die de overval teweegbracht. Aan de redelijke toerekening stond niet in de weg dat het slachtoffer aan hartklachten leed. 14.Het rapport van prof. Milroy, dat zich bij de stukken van het geding bevindt, vermeldt dat er bij het slachtoffer “een verhoogd risico voor dissectie van de arteriae vertebrales [bestond], zowel spontaan als door licht of meer ernstig trauma” en dat daardoor “andere voorzaken dan uitwendig inwerkend geweld op het hoofd, de hals en de nek niet worden uitgesloten”.
15.Zie het proces-verbaal van de zitting in eerste aanleg van 29 mei 2013, p. 7.
16.Zie het proces-verbaal van de zitting in eerste aanleg van 29 mei 2013, p. 5.
17.Zie het proces-verbaal van de zitting in eerste aanleg van 29 mei 2013, p. 5 en 6.
18.Zie het proces-verbaal van de zitting in eerste aanleg van 29 mei 2013, p. 6 en 7.
19.Zie laatste pagina van de pleitnota van mr. Plasman, zoals die aan het proces-verbaal van de zittingen van november en december 2013 in hoger beroep is gehecht.
20.Zie p. 3 t/m 7 van die pleitnota voor wat betreft de toelichting op de vordering van [benadeelde partij].
21.Zie de laatste pagina van de pleitnota van mr. Plasman, zoals die aan het proces-verbaal van de zittingen van 20, 22, 25 en 29 november 2013 en 5 december 2013 is gehecht.