Conclusie
eerste middelbehelst de klacht dat het oordeel van het Hof dat is voldaan aan het in art. 37a, eerste lid aanhef en onder 2º, Sr in verbinding met art. 37b, eerste lid, Sr opgenomen criterium, te weten dat de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van de maatregel van TBS eist, blijk geeft van onjuiste rechtsopvatting en/of onbegrijpelijk is.
“Strafmaat
De maatregel van TBS
“Schade
HOOFDSTUK 3 Criteria voor verplichte zorg
significant risk of serious harm» gehanteerd. [19] In het criterium voor verplichte zorg is dat vertaald als:
het aanzienlijke risico op ernstige schade. Benadrukt wordt dat met deze gewijzigde formulering geen terugkeer naar het bestwilcriterium wordt beoogd. De rechtsbescherming van betrokkene vereist een algemeen normatief toepasselijk kader, waaraan de persoonlijke mening van individuele hulpverleners kan worden getoetst. Dit sluit aan bij de aanbeveling van de evaluatiecommissie om in de nieuwe wettelijke regeling een objectief toetsbaar criterium op te nemen. De evaluatiecommissie acht het wenselijk om het huidige gevaarscriterium in de nieuwe regeling te handhaven.
tweede middelklaagt dat de redelijke inzendingstermijn in cassatie is overschreden.