ECLI:NL:PHR:2013:BZ2120
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsanering wegens niet-nakoming verplichtingen en nieuwe schulden
Bij vonnis van 5 september 2012 heeft de rechtbank Amsterdam de schuldsaneringsregeling van verzoekster beëindigd wegens niet-nakoming van verplichtingen en het ontstaan van nieuwe schulden. Verzoekster verscheen niet bij de zitting, waardoor de tekortkomingen haar werden toegerekend. In hoger beroep heeft het hof dit vonnis op 20 november 2012 bekrachtigd, stellende dat verzoekster structureel onvoldoende aan de boedel heeft afgedragen, nieuwe schulden heeft laten ontstaan zonder realistisch afbetalingsvoorstel, afspraken met de bewindvoerder niet is nagekomen, en haar informatie- en sollicitatieplicht niet heeft vervuld.
Verzoekster kwam met drie middelen in cassatie, waaronder het betwisten van de gehanteerde maatstaf voor bovenmatige schulden en het niet toekennen van gewicht aan haar inkomenssituatie. De klachten richtten zich slechts op het ontstaan van de boedelachterstand en nieuwe schulden; tegen de tekortkomingen in informatie- en sollicitatieplicht werden geen klachten ingediend. De Hoge Raad oordeelt dat deze tekortkomingen de beëindiging zelfstandig kunnen dragen.
De conclusie van de Procureur-Generaal strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep op grond van art. 80a RO. Het cassatieverzoekschrift is tijdig ingediend, maar de klachten kunnen niet tot cassatie leiden.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard en de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling blijft gehandhaafd.