ECLI:NL:PHR:2013:BY8999

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
22 januari 2013
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
12/03905 B
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 23 SvArt. 552p Sv
Verwijzingen
4 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging beschikking wegens onjuiste maatstaf bij oproeping betrokkene in raadkamer

In deze zaak heeft de rechtbank Rotterdam bij beschikking van 27 april 2012 verlof verleend als bedoeld in artikel 552p Sv. De rechtbank oordeelde dat het oproepen van de betrokkene voor het onderzoek in raadkamer achterwege kon blijven omdat het belang van het onderzoek ernstig geschaad kan worden indien de onderzoeksgegevens voortijdig bekend zouden worden.

De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad heeft in zijn conclusie betoogd dat de rechtbank een onjuiste maatstaf heeft toegepast. Volgens artikel 23 lid 5 Sv Pro is de juiste maatstaf dat het onderzoek ernstig wordt geschaad, niet dat het ernstig kan worden geschaad. Dit verschil in formulering is essentieel voor de toepassing van het recht.

De Hoge Raad acht het middel gegrond en vernietigt de bestreden beschikking. De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor herbehandeling en afdoening van de bestaande vordering. Er zijn geen ambtshalve gronden gevonden om de beschikking anderszins te vernietigen.

De conclusie benadrukt het belang van een juiste rechtsopvatting bij het toepassen van artikel 23 Sv Pro en bevestigt eerdere jurisprudentie, waaronder HR 4 oktober 2011, LJN BR2326.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof voor herbehandeling.

Conclusie

Nr. 12/03905 B
Mr. Vellinga
Zitting: 4 december 2012
Conclusie inzake:
[Klager = betrokkene]
1. Bij beschikking van 27 april 2012 heeft de Rechtbank te Rotterdam verlof verleend als bedoeld in 552p Sv.
2. Namens klager heeft mr. Y. Taekema, advocaat te 's-Gravenhage, één middel van cassatie voorgesteld.
3. Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 12/03905 en 12/03920. In beide zaken zal ik vandaag concluderen.
4. Het middel houdt in dat de rechtbank door te oordelen dat het oproepen van betrokkenen op goede gronden achterwege is gebleven, nu het belang van het onderzoek ernstig geschaad kan worden indien verkregen onderzoeksgegevens voortijdig bekend zouden worden, een onjuiste maatstaf heeft toegepast.
5. Het middel is gegrond. Art. 23 lid 5 Sv Pro houdt immers in dat het bepaalde in het tweede tot en met het vierde lid niet van toepassing is voor zover het belang van het onderzoek hierdoor ernstig wordt geschaad. Vgl. HR 4 oktober 2011, LJN BR2326, rov. 2.4.
6. Het middel slaagt.
7. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen waarop de bestreden beschikking zou dienen te worden vernietigd.
8. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot verwijzing van de zaak naar het gerechtshof te 's-Gravenhage teneinde op de bestaande vordering opnieuw te worden behandeld en afgedaan.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG