ECLI:NL:PHR:2013:BY8343
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt strafrechtelijke kwalificatie schuldheling en strafmotivering wederspannigheid
Verdachte is door het Gerechtshof te 's-Gravenhage veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf wegens wederspannigheid gepleegd met verenigde krachten en schuldheling. Het hof legde ook de tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf van acht maanden op.
De verdediging stelde cassatieberoepen in tegen de strafmotivering en de vermelding van toepasselijke wetsartikelen. De Hoge Raad constateerde dat het hof ten onrechte sprak van opzetheling in plaats van schuldheling, maar dit was een kennelijke vergissing die geen cassatiegrond oplevert.
Verder werd geoordeeld dat het hof terecht heeft overwogen dat heling het plegen van vermogensdelicten bevordert en daarom op dezelfde wijze bestraft moet worden. De Hoge Raad oordeelde dat het niet noodzakelijk was om art. 180 Sr Pro te vermelden naast art. 182 Sr Pro in de strafoplegging, maar herstelde dit desgewenst ambtshalve.
De cassatieberoepen faalden en het arrest van het hof bleef in stand, waarbij de Hoge Raad de strafoplegging bevestigde en de terminologische correctie aanbracht.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en bevestigt de strafoplegging voor wederspannigheid en schuldheling.