ECLI:NL:PHR:2013:BY0612
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Verkoopkosten van gevoegde dochtermaatschappij niet aftrekbaar onder fiscale eenheid
De belanghebbende, moedermaatschappij van een fiscale eenheid, verkocht in 2008 haar aandelen in een gevoegde dochtermaatschappij en wilde de verkoopkosten op haar fiscale winst in mindering brengen. De inspecteur weigerde dit, stellende dat deze kosten niet aftrekbaar zijn volgens het deelnemingsvrijstellingsregime. De Rechtbank verklaarde het beroep van de belanghebbende ongegrond en oordeelde dat de verkoopkosten niet aftrekbaar zijn, mede gelet op art. 14(1) Besluit fiscale eenheid 2003, dat bepaalt dat de vervreemding van aandelen in een gevoegde dochtermaatschappij geacht wordt plaats te vinden na ontvoeging.
De belanghebbende stelde in cassatie dat tijdens de fiscale eenheid geen deelnemingsverhouding bestond, waardoor art. 13(1) Wet Vpb niet van toepassing zou zijn en de verkoopkosten wel aftrekbaar zouden zijn. De Staatssecretaris verweerde zich met de stelling dat de wettelijke regeling en de parlementaire geschiedenis duidelijk maken dat het deelnemingsvrijstellingsregime ook op verkoopkosten van toepassing is, omdat ontvoeging voorafgaat aan vervreemding en de kosten causaal verbonden zijn aan de verkoop.
De Hoge Raad bevestigde de uitleg van de Rechtbank en concludeerde dat het cassatieberoep ongegrond is. De wetgever heeft met art. 14(1) Besluit fiscale eenheid 2003 beoogd dat het deelnemingsvrijstellingsregime van toepassing is op ontvoegende dochters, waardoor verkoopkosten niet aftrekbaar zijn. Het feit dat tijdens de fiscale eenheid geen deelnemingsverhouding bestaat, doet hieraan niet af. Praktische bezwaren kunnen worden ondervangen door tijdelijke activering van kosten. De Hoge Raad acht de argumenten tegen aftrekbaarheid sterker dan die ervoor en wijst op de duidelijke bedoeling van de wetgever om verkoopkosten van aftrek uit te sluiten, ook binnen fiscale eenheden.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de verkoopkosten van de gevoegde dochtermaatschappij zijn niet aftrekbaar.