ECLI:NL:PHR:2012:BV9963
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor gebrekkige houtkwaliteit bij levering kozijnprofielen
In deze zaak staat de aansprakelijkheid centraal van een leverancier van merantihouten kozijnprofielen aan een onderaannemer die de kozijnen vervaardigde voor een bouwproject. Kort na plaatsing vertoonden de kozijnen gebreken, waaronder verfonthechting en scheurvorming. Een deskundigenrapport van TNO Bouwsystemen concludeerde dat de gebreken te wijten waren aan ondeugdelijke houtkwaliteit en een te dikke grondverflaag.
De onderaannemer stelde de leverancier aansprakelijk en voerde aan dat de gebreken niet bij ontvangst van het hout waren ontdekt omdat de gebruikelijke ingangscontrole niet was uitgevoerd. Het hof oordeelde dat de gebrekkige houtkwaliteit niet bij ontvangst kon worden vastgesteld en dat de klachttermijn daarom niet was verlopen. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep af.
De Hoge Raad benadrukt dat een onderzoeksplicht van de koper bestaat, maar dat in dit geval een controle op vochtigheid en kwaliteit van het hout bij ontvangst geen gebreken aan het licht had kunnen brengen. De stelling dat een ingangscontrole altijd tot ontdekking van het gebrek had moeten leiden, wordt verworpen. De uitspraak onderstreept het belang van een evenwichtige belangenafweging tussen koper en verkoper en bevestigt dat de rechten van de koper niet vervallen door het achterwege blijven van een controle die het gebrek niet had kunnen ontdekken.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de aansprakelijkheid van de leverancier voor gebrekkige houtkwaliteit en wijst de vordering tot schadevergoeding toe.