ECLI:NL:PHR:2012:BU9920
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid Luchtverkeersleiding Nederland voor onzorgvuldige advisering over bebouwingsmogelijkheden Groenenbergterrein
De zaak betreft een geschil tussen Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL) en Chipshol over de advisering van LVNL aan overheden en Chipshol zelf omtrent de bebouwingsmogelijkheden van het Groenenbergterrein nabij Schiphol. LVNL gaf negatieve adviezen die mede leidden tot bouwverboden en vertragingen in de gebiedsontwikkeling.
Chipshol stelde dat LVNL onrechtmatig had gehandeld door onjuiste en onvolledige informatie te verstrekken, onvoldoende inzicht te geven in haar bezwaren en bouwplannen niet adequaat te toetsen. Het hof oordeelde dat LVNL onzorgvuldig had gehandeld en aansprakelijk was voor vertragingsschade, waarbij het belang van Chipshol en de omvang van LVNL's informatiepositie een rol speelden.
De Hoge Raad bevestigde dat de formele rechtskracht van bestuursbesluiten niet automatisch de adviezen van LVNL dekt, vooral niet omdat LVNL een zelfstandige adviespositie innam en rechtstreeks overleg voerde met Chipshol. De Raad benadrukte dat onjuiste of onvolledige adviezen die niet adequaat zijn verantwoord, ook bestuursrechtelijk van belang zijn en dat het hof onvoldoende aandacht had besteed aan de mate van samenhang tussen adviezen en besluiten, en aan de vraag of de adviezen tot andere schade leidden dan de besluiten zelf.
Verder werd overwogen dat LVNL onvoldoende duidelijkheid verschaft had over de wijze van toetsing, met name het gebruik van een "worst case scenario" en het niet expliciet maken van alternatieven voor bouwplannen. De Raad stelde dat nadere feitelijke vaststellingen en onderzoek nodig zijn om de aansprakelijkheid definitief te beoordelen, en dat de zaak daarom terugverwezen moet worden.
Tot slot besprak de Hoge Raad diverse klachten over de motivering van het hof, de toepasselijkheid van wettelijke bepalingen en internationale voorschriften, en de vraag of LVNL haar zorgvuldigheidsplicht jegens Chipshol had geschonden. De Raad oordeelde dat het hof niet alle relevante gezichtspunten had betrokken en dat nadere feitelijke beoordeling vereist is.
Uitkomst: LVNL heeft onrechtmatig gehandeld jegens Chipshol door onjuiste en onvolledige advisering, maar nadere feitelijke beoordeling is nodig.