ECLI:NL:PHR:2012:BU3745
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing partneralimentatie wegens gebrek aan draagkracht man
De vrouw en de man zijn gescheiden sinds 29 september 2010 en hebben twee kinderen. De vrouw vorderde partneralimentatie en een bijdrage in de kosten voor de verzorging van hun dochter. De rechtbank wees de partneralimentatie af wegens gebrek aan draagkracht van de man en stelde een lagere bijdrage voor de dochter vast. Het hof vernietigde het vonnis alleen voor het deel over de bijdrage voor de dochter en verhoogde deze.
In cassatie richt het middel zich tegen het oordeel van het hof dat de man geen draagkracht heeft voor partneralimentatie, ondanks dat partijen overeenkwamen dat de vrouw de hypotheekrente van €388 per maand voor haar woning zou betalen. De vrouw meent dat hierdoor de draagkracht van de man is toegenomen.
De Hoge Raad oordeelt dat de vaststelling van draagkracht een feitelijke beoordeling is die niet in cassatie kan worden getoetst. Het hof heeft terecht geoordeeld dat het niet meenemen van de hypotheekrente bij de man niet betekent dat hij voldoende draagkracht heeft voor partneralimentatie. Het cassatieberoep wordt daarom verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de vrouw wordt verworpen en de afwijzing van partneralimentatie wegens gebrek aan draagkracht blijft in stand.