ECLI:NL:PHR:2011:BT7553
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing verzoek tot wijziging partneralimentatie wegens onvoldoende draagkracht
De man en vrouw zijn voormalige echtgenoten van wie het huwelijk in 2006 is ontbonden. De vrouw verzocht partneralimentatie, die aanvankelijk door het hof werd vastgesteld op €800 per maand. De man verzocht vervolgens om verlaging van deze alimentatie wegens gewijzigde omstandigheden en een verminderde draagkracht.
De rechtbank stelde de alimentatie bij beschikking van 15 oktober 2008 vast op €144 per maand. Het hof vernietigde deze beschikking in hoger beroep en wees het verzoek van de man alsnog af, omdat hij onvoldoende inzicht gaf in zijn financiële situatie en niet aannemelijk maakte dat hij de alimentatie niet kon voldoen.
De man stelde cassatie in tegen dit oordeel, stellende dat het hof het beginsel van hoor en wederhoor had geschonden en dat het oordeel over zijn draagkracht onbegrijpelijk en onvoldoende gemotiveerd was. De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht oordeelde dat de man onvoldoende bewijs had geleverd van zijn gewijzigde financiële situatie. Ook was het hof niet verplicht de behoefte van de vrouw opnieuw te beoordelen, omdat de man daartegen niet tijdig in hoger beroep was gekomen.
Het cassatieberoep werd verworpen met toepassing van artikel 81 RO Pro, waarmee het oordeel van het hof in stand bleef.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het hof-oordeel dat de man onvoldoende draagkrachtvermindering heeft aangetoond blijft in stand.