ECLI:NL:PHR:2011:BQ2305
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over terugwerkende kracht bij nihilstelling van partneralimentatie
De zaak betreft een geschil tussen gewezen echtgenoten over de wijziging van de partneralimentatie. De man verzocht de alimentatie met ingang van 30 mei 2005 op nihil te stellen, stellende dat de vrouw geen behoefte meer heeft en hij geen draagkracht heeft. De rechtbank wees dit verzoek af, maar het hof stelde de alimentatie met ingang van 23 december 2009 op nihil.
Het hof motiveerde de keuze voor deze ingangsdatum mede doordat de man ter zitting verklaarde geen terugvordering te zullen doen van reeds betaalde alimentatie. De vrouw verscheen niet ter zitting en leverde geen bewijs over haar inkomen of vermogen. De man stelde dat de alimentatiebeschikking jarenlang niet was uitgevoerd en de vrouw geen betaling had gevorderd.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de nihilstelling niet met terugwerkende kracht tot 30 mei 2005 is toegekend, terwijl de man dit nadrukkelijk had verzocht en de vrouw geen bezwaar maakte. De motivering van het hof is onbegrijpelijk in het licht van de processtukken en stellingen. De Hoge Raad vernietigt het hofbesluit en verwijst de zaak terug voor nieuwe beoordeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofbesluit en verwijst de zaak terug voor verdere beoordeling van de ingangsdatum van de nihilstelling van partneralimentatie.