ECLI:NL:PHR:2011:BP5967
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontslag van rechtsvervolging wegens noodtoestand bij overtreding Diergeneesmiddelenwet
De zaak betreft een dierenarts die werd vervolgd wegens het afleveren van niet-geregistreerde diergeneesmiddelen aan duiven, in strijd met artikel 2 van Pro de Diergeneesmiddelenwet. De verdachte voerde aan dat hij handelde uit noodtoestand omdat er geen geregistreerde, effectieve geneesmiddelen beschikbaar waren voor de behandeling van levensbedreigende ziekten bij duiven.
Het hof stelde vast dat vanwege de kleinschaligheid van de duivengeneesmiddelenmarkt weinig geregistreerde middelen beschikbaar waren, en dat magistrale bereiding praktisch onuitvoerbaar en risicovol was. De verdachte beschikte over voor export gefabriceerde, werkzame medicijnen die in Nederland niet geregistreerd konden worden. Het hof oordeelde dat sprake was van een actuele, concrete noodsituatie en dat de gedraging van de verdachte voldeed aan de eisen van subsidiariteit, proportionaliteit en adequatie.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en benadrukte dat noodtoestand een rechtvaardigingsgrond is die uitzonderlijk geldt. Het hof had voldoende onderzocht dat de verdachte niet in staat was de middelen te registreren en dat er geen minder ingrijpende alternatieven waren. De verdachte werd daarom ontslagen van alle rechtsvervolging. De uitspraak onderstreept het belang van een zorgvuldige belangenafweging en de erkenning van noodsituaties binnen het strafrechtelijk kader.
Uitkomst: Verdachte wordt ontslagen van alle rechtsvervolging wegens gerechtvaardigd beroep op noodtoestand.