ECLI:NL:PHR:2010:BO2514
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt voorwaardelijk opzet bij doodslag met vuurwapen in auto
Op 30 april 2008 vond in Rotterdam een incident plaats waarbij verdachte met een vuurwapen een schot loste dat leidde tot de dood van het slachtoffer. Verdachte had het pistool onder de bijrijdersstoel van een auto vandaan gehaald en in een conflict met andere inzittenden meerdere malen met het wapen geslagen. Tijdens een worsteling ging het pistool af, waarbij het slachtoffer dodelijk werd getroffen.
Het hof stelde vast dat verdachte goed bekend was met het pistool en dat het wapen op enig moment geladen en onveilig was geworden. Verdachte had de aanmerkelijke kans dat het pistool zou afgaan bewust aanvaard door het wapen in de auto te hanteren ondanks de escalatie. Het hof verwierp het beroep van verdachte op noodweer en noodweerexces omdat het niet aannemelijk was dat het noodzakelijk was om geweld met het vuurwapen te gebruiken.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof de bewezenverklaring omtrent voorwaardelijk opzet voldoende had gemotiveerd en dat het oordeel over de wetenschap en bewuste aanvaarding van de aanmerkelijke kans niet onbegrijpelijk was. Ook het oordeel over de afwijzing van noodweer en noodweerexces was voldoende gemotiveerd. Het cassatiemiddel faalt en het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld wegens voorwaardelijk opzet op doodslag en het beroep op noodweer en noodweerexces is verworpen.