ECLI:NL:PHR:2009:BJ3229
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt bewezenverklaring diefstal wegens onvoldoende motivering
In deze zaak werd verdachte door het Hof Arnhem veroordeeld voor diefstal en opzetheling van een portemonnee met passen, waaronder een creditcard, afkomstig uit een woning aan de A-straat te een plaats. Het hof baseerde zijn bewezenverklaring op aangifte van het slachtoffer, verklaringen van getuigen die verdachte met de passen zagen, en het feit dat de passen in de portemonnee van verdachte werden aangetroffen.
Verdachte betwistte in cassatie de bewijsvoering en stelde dat de bewijsmiddelen slechts aanwijzingen geven voor betrokkenheid, maar niet dat hij de diefstal heeft gepleegd. De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd dat uit de bewijsmiddelen volgt dat verdachte daadwerkelijk de portemonnee uit de woning heeft weggenomen.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest voor wat betreft de bewezenverklaring en strafoplegging met betrekking tot de diefstal, en verwijst de zaak terug of neemt een passende beslissing op basis van artikel 440 Sv Pro. Voor het overige wordt het beroep verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest wegens onvoldoende motivering van de bewezenverklaring diefstal.