ECLI:NL:PHR:2009:BI9630
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid indirect bestuurder voor onbehoorlijke taakvervulling bij overboekingen binnen concerngroep
In deze zaak stond centraal of tegen een vonnis waarin het verweer van relatieve onbevoegdheid wordt verworpen hoger beroep openstaat en of een indirect bestuurder aansprakelijk is voor onbehoorlijke taakvervulling.
De rechtbank Amsterdam had de curator in het faillissement van Preco en La Tipografia toegewezen dat eiser, als indirect bestuurder, onrechtmatig had gehandeld door ten laste van deze vennootschappen bedragen over te maken aan een concernvennootschap, die daarmee crediteuren van andere groepsvennootschappen betaalde. De rechtbank oordeelde dat eiser een ernstig verwijt trof en veroordeelde hem tot betaling van de bedragen.
Eiser stelde onder meer dat de rechtbank relatief onbevoegd was en dat de overboekingen deel uitmaakten van een reddingsoperatie. Het hof verklaarde het beroep van eiser op relatieve onbevoegdheid niet-ontvankelijk en bekrachtigde de vonnissen. De Hoge Raad bevestigt dat tegen een vonnis dat relatieve onbevoegdheid verwerpt geen hoger beroep openstaat en dat eiser aansprakelijk is wegens een onmiskenbare tekortkoming in zijn bestuurstaken, waarbij het hof voldoende gemotiveerd heeft geoordeeld dat de overboekingen de belangen van Preco en La Tipografia hebben geschaad ten faveure van andere groepsvennootschappen.
Uitkomst: Eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep tegen het vonnis dat relatieve onbevoegdheid verwerpt en aansprakelijkheid wegens onbehoorlijke taakvervulling blijft gehandhaafd.