ECLI:NL:PHR:2009:BI6294
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Nietigverklaring hypotheekovereenkomsten wegens schending gemeentelijk voorkeursrecht
In deze zaak staat de toepassing van artikel 26 van Pro de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) centraal, waarbij de gemeente Katwijk het voorkeursrecht op een aantal percelen uitoefent. De percelen zijn bestemd voor woningbouw en zijn door de eigenaren, tuinders, verhypothekeerd aan Wavas B.V., een vastgoedmaatschappij, en eerder aan Damplan Vastgoedontwikkeling B.V. De gemeente verzoekt de nietigverklaring van de hypotheek- en pandrechten en de onderliggende ontwikkelingsovereenkomsten, omdat deze rechtshandelingen haar voorkeursrecht doorkruisen.
De rechtbank wijst het verzoek van de gemeente toe en verklaart de hypotheekovereenkomsten nietig. Het hof bekrachtigt dit oordeel en benadrukt dat de stelplicht en bewijslast rusten op de gemeente, maar dat Wavas en de andere eigenaren onvoldoende feitelijke gegevens hebben verstrekt om de stellingen van de gemeente te betwisten. Het hof oordeelt dat de hypotheekovereenkomsten deel uitmaken van een constructie die materieel neerkomt op vervreemding, wat het voorkeursrecht van de gemeente schaadt.
De Hoge Raad bevestigt dat nietigverklaring van hypotheekovereenkomsten op grond van art. 26 Wvg Pro mogelijk is en dat deze regeling niet in strijd is met het eigendomsrecht zoals beschermd door artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM. De rechter mag op basis van onvoldoende betwiste feiten aannemen dat de rechtshandelingen met kennelijke strekking zijn verricht om het voorkeursrecht te omzeilen. De regeling dient het algemeen belang en vormt een redelijke balans tussen het gemeentelijk belang en de fundamentele rechten van de eigenaren.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de nietigverklaring van de hypotheekovereenkomsten wegens schending van het gemeentelijk voorkeursrecht.