ECLI:NL:PHR:2009:BH8472
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor overtreding WAM en tenuitvoerlegging voorwaardelijke straffen bevestigd
De kantonrechter te Breda veroordeelde verdachte op 5 oktober 2006 voor overtreding van artikel 30 van Pro de Wet Aansprakelijkheidsverzekering Motorrijtuigen (WAM) en gelastte de tenuitvoerlegging van drie eerder voorwaardelijk opgelegde straffen. Tegen dit vonnis stelde de advocaat van verdachte hoger beroep in. Het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch veroordeelde verdachte bij verstek op 3 mei 2007 tot een hechtenisstraf van twee weken wegens het niet hebben van een verplichte verzekering en legde tevens een rijontzegging van zes maanden op, met tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straffen.
Tegen dit arrest stelde de advocaat cassatie in bij de Hoge Raad met twee middelen. Het eerste middel betrof de bewezenverklaring, die volgens de advocaat niet was onderbouwd met bewijsmiddelen. De Hoge Raad verwierp dit middel omdat het feitelijke grondslag miste; de stukken bevatten een proces-verbaal van de terechtzitting waarin het mondeling arrest correct was aangetekend.
Het tweede middel betrof het ontbreken van beraadslaging door het hof en het besluit op de grondslag van de tenlastelegging, waarbij werd gesteld dat het hof de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straffen niet had mogen gelasten. Dit middel faalde eveneens omdat het hoger beroep zich uitstrekt over de gehele uitspraak, inclusief de tenuitvoerlegging.
De Hoge Raad vond geen reden tot vernietiging en verwierp het cassatieberoep, waarmee de veroordeling en tenuitvoerlegging definitief werden bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling en tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straffen.