ECLI:NL:PHR:2008:BB9246
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Wijziging en terugbetaling kinderalimentatie na verwijzing en cassatie
Deze zaak betreft een geschil tussen voormalige levenspartners over de wijziging van kinderalimentatie voor hun dochter. De vader heeft nooit met de moeder en het kind in gezinsverband samengeleefd, maar moet toch bijdragen aan de kosten van verzorging en opvoeding. De Hoge Raad bevestigt dat de behoefte van het kind wordt vastgesteld aan de hand van het inkomen van de vader, waarbij rekening wordt gehouden met een schaalvoordeel als het kind opgroeit met een tweede kind in het gezin van de moeder.
Na cassatie vernietigde de Hoge Raad een eerdere beschikking wegens onvoldoende motivering en verwees de zaak terug naar het hof Leeuwarden. Dit hof stelde vervolgens de alimentatiebedragen met terugwerkende kracht vast, waarbij het rekening hield met de draagkracht van beide ouders en de hypothetische gezinssituatie. De vrouw moest teveel ontvangen alimentatie terugbetalen, wat zij betwistte vanwege de lange duur van de procedure en de financiële gevolgen.
De Hoge Raad oordeelt dat de appelrechter na verwijzing de zaak in volle omvang opnieuw moet beoordelen op basis van alle op dat moment bestaande omstandigheden. Ook is het toegestaan om stellingen en gronden te wijzigen of te vermeerderen, mits de wederpartij voldoende gelegenheid krijgt voor verweer. De motivering van de terugbetalingsverplichting hoeft niet bijzonder uitgebreid te zijn, tenzij concrete problemen worden gesteld. De klachten van de vrouw worden verworpen, en de beschikking van het hof Leeuwarden wordt bekrachtigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de alimentatievaststelling met terugwerkende kracht en de terugbetalingsverplichting.