ECLI:NL:HR:2004:AN9690
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- H.A.M. Aaftink
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Vaststelling vaderschap en alimentatiebijdrage voor minderjarige dochter
De vrouw verzocht de rechtbank om het vaderschap van de man vast te stellen en hem te veroordelen tot betaling van een maandelijkse bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van hun minderjarige dochter. De rechtbank stelde het vaderschap vast en bepaalde een alimentatiebedrag. Het hof vernietigde deze beschikking en stelde een lager bedrag vast, waarbij het rekening hield met het inkomen van de man en de gezinssituatie van de vrouw.
De man stelde beroep in cassatie in tegen de alimentatievaststelling. De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht rekening hield met de financiële middelen van de vader bij de bepaling van de behoefte van het kind, ook al leefde het kind niet in zijn gezin. Het hof gebruikte de Trema-normen voor een globale begroting van de behoefte.
Echter oordeelde de Hoge Raad dat het hof onbegrijpelijk had vastgesteld dat de behoefte van het jongere kind hoger was dan die van het oudere kind, terwijl de kosten van een ouder kind normaal gesproken hoger zijn. De Hoge Raad vernietigde daarom het hofarrest en verwees de zaak terug naar het gerechtshof voor verdere behandeling en beslissing.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling van de alimentatiebehoefte.