ECLI:NL:PHR:2007:BB7699
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitlevering ondanks betwisting verstekvonnis en waarborg nieuw proces
Deze zaak betreft het cassatieberoep tegen een uitspraak van de Rechtbank Haarlem die de uitlevering van een opgeëiste persoon aan Roemenië toelaatbaar heeft verklaard. De opgeëiste persoon was bij verstek veroordeeld en stelde dat uitlevering zou leiden tot schending van zijn rechten onder artikel 6 EVRM Pro, waaronder het recht op een eerlijk proces en effectieve rechtsbijstand.
De Hoge Raad bevestigt dat op grond van het Tweede Aanvullend Protocol bij het Europees uitleveringsverdrag uitlevering niet geweigerd hoeft te worden indien de verzoekende staat een voldoende verzekering geeft dat de opgeëiste persoon recht heeft op een nieuw proces waarin de rechten van de verdediging worden gewaarborgd. De rechtbank mocht vertrouwen op de toezegging van de Roemeense autoriteiten dat de opgeëiste persoon een herberechting zal krijgen.
De Hoge Raad wijst erop dat de uitleveringsrechter niet hoeft te onderzoeken of het nationale recht van de verzoekende staat het recht op verzet tegen het verstekvonnis regelt, omdat de gegeven verzekering dit compenseert. Tevens is het vertrouwensbeginsel van toepassing, tenzij er een serieus risico bestaat dat de toezegging niet wordt nagekomen en er geen adequaat rechtsmiddel beschikbaar is.
De Hoge Raad verwerpt de middelen die stelden dat reeds plaatsgevonden schendingen van het EVRM, vermeende onrechtmatigheden in het vonnis en andere procedurele klachten uitlevering zouden moeten verhinderen. Ook het verzoek om getuigen te horen werd terecht afgewezen omdat dit niet noodzakelijk was voor de beoordeling van de uitlevering. Alle middelen falen en het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de toelaatbaarheid van de uitlevering met waarborg voor een nieuw proces.