ECLI:NL:PHR:2007:BB5423
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering koper tot levering garage wegens niet-nakoming koopprijs na juridische splitsing
In deze zaak gaat het om een koopovereenkomst uit 1984 waarbij eiser een garage kocht die na juridische splitsing zou worden geleverd en betaald. Tot die tijd zou eiser de garage huren tegen een overeengekomen prijs. Na de splitsing eind 1985 kon eiser de koopprijs niet voldoen en nam hij de garage niet af. Hierna volgden langdurige contacten waarbij eiser stelde dat de koop nog steeds geldig was en hij alsnog wilde afnemen, terwijl verweerder zich op ontbinding beriep.
Eiser startte in 2001 een procedure om levering af te dwingen en later ook schadevergoeding te vorderen. Zowel de rechtbank als het hof wezen deze vorderingen af. Het hof oordeelde dat er geen geldige afspraak was over uitstel van levering voor onbepaalde tijd en dat eiser door zijn niet-nakoming in verzuim was gekomen, zodat ontbinding door verweerder gerechtvaardigd was zonder dat ingebrekestelling nodig was.
De Hoge Raad bevestigt dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de koopovereenkomst niet langer afdwingbaar was vanwege het niet voldoen van de koopprijs door eiser en dat de ontbinding door verweerder rechtmatig was. Klachten van eiser over het ontbreken van ingebrekestelling, bewijsuitsluiting en verjaring worden verworpen. De Hoge Raad concludeert tot verwerping van het cassatieberoep.
Uitkomst: De vordering tot levering van de garage wordt afgewezen omdat koper de koopprijs niet kon voldoen en ontbinding door verkoper gerechtvaardigd is zonder ingebrekestelling.