ECLI:NL:PHR:2007:BA4599
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Berekening schadeloosstelling bij onteigening prostitutiepanden in stadsvernieuwingsplan
In deze onteigeningszaak staat de berekening van de schadeloosstelling centraal die de Gemeente aan de eigenaar van vijf prostitutiepanden moet betalen. De onteigening vond plaats in het kader van een stadsvernieuwingsplan gericht op het uitbannen van raamprostitutie. De Rechtbank had de schadeloosstelling vastgesteld op €1.479.000, inclusief een premie uithandenbreken voor de aanschaf van vervangende panden.
De eigenaar betwistte onder meer de deskundigenrapporten waarop de schadeloosstelling was gebaseerd, met name de gehanteerde marktgegevens en de mogelijkheid om vervangende panden aan te schaffen in de betreffende straat. De Rechtbank oordeelde dat de deskundigen op een verantwoorde wijze hun berekeningen hadden gemaakt, mede omdat de door de eigenaar verstrekte financiële gegevens niet controleerbaar waren. Ook werd geoordeeld dat het niet noodzakelijk is dat vervangende panden in de oorspronkelijke straat worden gekocht, en dat de premie uithandenbreken daarvoor compensatie biedt.
De Hoge Raad bevestigt deze oordelen en wijst de klachten van de eigenaar af. Tevens wordt vastgesteld dat het aanbod van de Gemeente om eventuele belastingschade te vergoeden niet zonder meer ook de vergoeding van deskundigenkosten omvat. De Hoge Raad benadrukt dat de Rechtbank voldoende gemotiveerd heeft geoordeeld en dat de klachten niet voldoen aan de vereisten voor cassatie.
Uitkomst: Hoge Raad wijst cassatieberoep af en bevestigt schadeloosstelling inclusief premie uithandenbreken.