ECLI:NL:PHR:2007:BA3527
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over bewijsaanbod en bewijswaardering in alimentatiegeschil tussen voormalige echtelieden
De zaak betreft een geschil tussen voormalige echtelieden over de hoogte van partneralimentatie. De vrouw vorderde een hogere alimentatie dan de rechtbank had vastgesteld, stellende dat de man aanzienlijke neveninkomsten uit autohandel had die niet of onvolledig in de jaarstukken waren verantwoord. Het hof beperkte het bewijsaanbod van de vrouw tot het aantonen van ten minste € 50.000,- aan extra inkomsten per jaar en wees het bewijs af omdat de vrouw niet aan deze specifieke bewijsopdracht voldeed.
De vrouw stelde in cassatie dat het hof zijn taak als alimentatierechter had miskend door het bewijsaanbod te beperkt uit te leggen en het bewijs slechts op die beperkte grondslag te waarderen. De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte het bewijsaanbod beperkte en onvoldoende rekening hield met de discretionaire bevoegdheid van de rechter in alimentatiezaken, waarbij ook minder verstrekkende voorzieningen kunnen worden toegewezen.
De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug voor nader onderzoek, waarbij moet worden vastgesteld of de man over meer inkomsten beschikte dan de rechtbank aannam. Daarbij geldt dat alleen bij vaststelling van een hogere draagkracht dan de rechtbank aannam, de man tot een hogere alimentatie kan worden veroordeeld. De zaak benadrukt het belang van een ruime bewijsopdracht en een zorgvuldige bewijswaardering in alimentatiegeschillen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nader onderzoek naar de draagkracht van de man.