ECLI:NL:PHR:2007:AZ9338
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vermindering betalingsverplichting wegens overschrijding redelijke termijn in ontnemingszaak
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam inzake de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. De betrokkene was veroordeeld voor deelname aan een criminele organisatie en het medeplegen van overtredingen van de Wet toezicht effectenverkeer. Het hof had een betalingsverplichting opgelegd van ruim €1,2 miljoen.
De verdediging voerde aan dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro was overschreden, gezien het lange tijdsverloop tussen de huiszoekingen in 1995 en de behandeling van de ontnemingsvordering in 2004. Het hof erkende een overschrijding van de redelijke termijn, maar oordeelde dat de belangen van de maatschappij zwaarder wogen dan die van de veroordeelde, waardoor niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie niet aan de orde was. Wel werd een matiging van 10% van het te ontnemen bedrag toegepast.
De Hoge Raad bevestigt dat het arrest ontneming een kennelijke misslag bevatte door niet te vermelden dat ook soortgelijke feiten aan de basis van het voordeel lagen. Deze misslag wordt verbeterd door het arrest verbeterd te lezen. Tevens oordeelt de Hoge Raad dat de overschrijding van de redelijke termijn in cassatie leidt tot een verdere vermindering van de betalingsverplichting. De zaak wordt vernietigd voor zover het de hoogte van de betalingsverplichting betreft en terugverwezen voor nieuwe vaststelling.
De procedure kende een complexe en langdurige aard, mede door het strafrechtelijk financieel onderzoek en internationale aspecten. De Hoge Raad benadrukt dat overschrijding van de redelijke termijn in ontnemingszaken in beginsel leidt tot vermindering van de betalingsverplichting, niet tot niet-ontvankelijkheid, tenzij uitzonderlijke omstandigheden aanwezig zijn.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest voor de hoogte van de betalingsverplichting, vermindert deze en wijst de zaak terug.