ECLI:NL:PHR:2007:AZ2483
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toepassing en motivering van de ISD-maatregel bij recidive en verslavingsproblematiek
In deze zaak staat de toepassing van de ISD-maatregel centraal, een maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders, bedoeld ter beveiliging van de maatschappij en het beëindigen van recidive. De verdachte was meermaals onherroepelijk veroordeeld en verslaafd aan diverse drugs. Het Hof had de ISD-maatregel opgelegd voor twee jaren op grond van feiten gepleegd na 1 oktober 2004, waarbij ook eerdere veroordelingen van vóór die datum werden meegewogen.
De verdediging voerde aan dat het Hof de maatregel met terugwerkende kracht had toegepast en dat het vereiste advies over de wenselijkheid of noodzaak van de maatregel ontbrak, omdat het voorgelegde rapport van Centrum Maliebaan geen dergelijk advies was. De Hoge Raad oordeelde dat de wet geen onderscheid maakt tussen veroordelingen van vóór of na de wetswijziging en dat het rapport niet als advies in de zin van art. 38m lid 4 Sr hoefde te gelden omdat de verdachte weigerde mee te werken aan het onderzoek voor een dergelijk advies.
Verder werd het middel dat sprake zou zijn van een termijnoverschrijding verworpen, mede omdat de zaak voortvarend werd behandeld en de verdediging ter terechtzitting geen verweer had gevoerd over de redelijke termijn. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de rechtmatigheid van de opgelegde ISD-maatregel.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de rechtmatigheid van de oplegging van de ISD-maatregel voor twee jaren ondanks het ontbreken van een persoonlijkheidsonderzoek-advies vanwege de weigering van de verdachte.