ECLI:NL:PHR:2006:AU9728
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt onttrekking affiches wegens overtreding plakverbod Amsterdam
Verdachte werd door het Hof Amsterdam veroordeeld wegens overtreding van artikel 8.3 lid 1 onder a van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) Amsterdam 1994, het plakverbod, en het hof gelastte de onttrekking aan het verkeer van 96 affiches. Verdachte voerde in cassatie aan dat het plakverbod in strijd was met artikel 7 van Pro de Grondwet wegens onvoldoende openbare plakplaatsen in het stadsdeel Amsterdam Zuidoost.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht heeft vastgesteld dat er voldoende vrije plakplaatsen aanwezig zijn, ondanks dat de exacte locaties niet zijn vastgesteld. Dit oordeel is feitelijk en niet onbegrijpelijk, mede gelet op de verklaring van verdachte zelf. Het verbod is niet in strijd met de Grondwet, omdat het zich richt op het beschermen van rechten van anderen en het verbod buiten toepassing blijft indien er onvoldoende plakplaatsen zijn.
Ten aanzien van de onttrekking aan het verkeer oordeelt de Hoge Raad dat de affiches niet op zichzelf verboden zijn, maar dat het redelijkerwijs te verwachten gebruik ervan in strijd is met het plakverbod. Het hof heeft het juiste criterium toegepast en het oordeel is niet onbegrijpelijk. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling met onttrekking van de affiches blijft in stand.