ECLI:NL:PHR:2005:AU4617
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt faillissement wegens toestand van te hebben opgehouden te betalen ondanks formele rechtskracht naheffingsaanslag omzetbelasting
In deze cassatieprocedure betwist Bremraap Investments BV het oordeel van het Hof Den Bosch dat zij verkeert in de toestand van te hebben opgehouden te betalen op grond van artikel 6, derde lid, Faillissementswet. De onderliggende problematiek betreft een naheffingsaanslag omzetbelasting die Bremraap niet heeft voldaan, terwijl de afnemer Kooilust Investments NV failliet is verklaard en de naheffingsaanslagen niet kunnen worden geïnd uit diens boedel.
De Hoge Raad bespreekt uitvoerig de formele rechtskracht van de naheffingsaanslag omzetbelasting, die niet is bestreden door middel van beroep bij de belastingrechter, en stelt dat deze aanslag geacht wordt in overeenstemming te zijn met de wettelijke voorschriften en algemene rechtsbeginselen. Hierdoor kan in de civiele procedure niet meer worden geklaagd over de toepassing van het Besluit van 12 augustus 2004 dat de heffing van omzetbelasting regelt.
Bremraap voert klachten aan tegen de interpretatie van het Besluit, de vermeende dubbele invordering en de motivering van het oordeel dat zij is opgehouden te betalen. De Hoge Raad verwierp deze klachten, benadrukkend dat het Besluit ziet op heffing en niet op invordering en dat de ontvanger bevoegd is om de belastingschuld bij zowel leverancier als afnemer te innen indien nodig.
Het oordeel van het Hof dat Bremraap verkeert in de toestand van te hebben opgehouden te betalen is een feitelijke beoordeling die in cassatie niet kan worden getoetst. De Hoge Raad acht het oordeel van het Hof niet onredelijk en wijst het cassatieberoep af. De formele rechtskracht van de naheffingsaanslag sluit ook een beroep op redelijkheid en billijkheid uit.
Deze uitspraak bevestigt de strikte toepassing van de formele rechtskracht van belastingaanslagen en de ruime bevoegdheid van de ontvanger tot invordering, ook in faillissementsprocedures.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en bevestigt het faillissement van Bremraap wegens de toestand van te hebben opgehouden te betalen.