ECLI:NL:PHR:2005:AU2248
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing psychische overmacht en noodweerverweer bij mishandeling
De zaak betreft een mishandelingszaak waarin de verdachte zich onder meer beriep op psychische overmacht en noodweerexces. De verdediging verzocht om nader forensisch en psychologisch onderzoek, waaronder het horen van getuigen over de psychische impact van een eerder incident uit 1995. Het hof wees deze verzoeken af omdat de getuigen reeds in eerste aanleg waren gehoord en het hof zich voldoende voorgelicht achtte door de verklaring van de verdachte zelf.
Het hof oordeelde dat het geweld niet was ingegeven door een ogenblikkelijke, wederrechtelijke aanranding of een onmiddellijk dreigend gevaar daarvan. De verdachte had de politie gebeld en had een honkbalknuppel gehaald voordat hij geweld toepaste. Het hof verwierp het beroep op noodweer en noodweerexces omdat het niet aannemelijk was dat het geweld noodzakelijk was. Ook het beroep op psychische overmacht werd verworpen omdat niet was gebleken dat de verdachte onder zodanige psychische druk stond dat hij geen weerstand kon bieden.
De Hoge Raad bevestigde deze overwegingen en oordeelde dat het hof de juiste maatstaf had gehanteerd bij de beoordeling van de noodzaak van nader onderzoek en de bewijswaardering. De bevoegdheid van de rechter-commissaris om nader onderzoek te verrichten vervalt met de aanvang van het onderzoek ter terechtzitting, waardoor het hof zelfstandig verzoeken tot nader onderzoek mocht afwijzen. De Hoge Raad verwierp de cassatiemiddelen en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het beroep en bevestigde dat het hof terecht het beroep op psychische overmacht en noodweerexces verwierp en geen nader onderzoek hoefde af te wachten.