ECLI:NL:PHR:2005:AT9060
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing aanspraak op verzekeringsuitkering na vergaan vaartuig bij huurkoopoptie
Partijen sloten op 18 augustus 2000 een 'charter/purchase'-overeenkomst met betrekking tot het vaartuig 'Machiavelli', waarbij RN het recht had het schip te kopen tegen een aflopende staffelprijs. Op 22 februari 2002 verging het schip en werd de verzekerde som van 10 miljoen gulden uitgekeerd aan De Donge. RN legde conservatoir derdenbeslag op gelden van De Donge en werd veroordeeld mee te werken aan verlaging van de bankgarantie.
Het hof oordeelde dat onvoldoende summierlijk aannemelijk was dat RN aanspraak had op een deel van de verzekeringsuitkering, mede omdat het bod van RN op het schip lager was dan de koopprijs volgens de staffel en de overeenkomst niet gelijkgesteld kon worden aan huurkoop. RN stelde dat het voordeel dat De Donge had door het vergaan van het schip aan haar toekwam op grond van art. 6:78 BW Pro, maar deze stelling werd pas bij pleidooi ingebracht en het hof ging hier niet op in.
De Hoge Raad bevestigt dat het grievenstelsel in hoger beroep en kort geding strikt is en dat nieuwe grieven laat ingebracht niet zonder meer worden toegelaten. Ook oordeelt de Hoge Raad dat het hof terecht heeft geoordeeld dat onvoldoende aannemelijk was dat RN aanspraak had op de verzekeringsuitkering en dat de belangenafweging rechtvaardigt dat de bankgarantie werd verlaagd. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van RN wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.