ECLI:NL:PHR:2005:AT4426
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke inbreuk op auteursrecht software in melkveehouderij
Het Gerechtshof Arnhem heeft verdachte veroordeeld voor het medeplegen van inbreuk op het auteursrecht van een computerprogramma dat bestemd is voor de aansturing van elektronische ventielen in melkmachines. Verdachte had zonder toestemming van de rechthebbende software gekopieerd, verspreid en voorhanden gehad uit winstbejag.
De benadeelde partij had een schadevergoeding gevorderd, maar het hof verklaarde deze vordering niet-ontvankelijk omdat niet duidelijk was of de partij daadwerkelijk rechthebbende was. Dit leidde tot discussie over het gebruik van verklaringen van de benadeelde partij als bewijs en de juridische status van diens auteursrecht.
In cassatie klaagt verdachte over de bewijsvoering omtrent het opzettelijk handelen, waarbij de Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd dat verdachte willens en wetens de kans aanvaardde dat hij inbreuk maakte. Ook is het beroep op een wettelijke uitzondering voor noodzakelijke reproductie van software (art. 45j Auteurswet) niet relevant omdat de kopieën voor verkoop waren bestemd.
De Hoge Raad vernietigt het arrest en voorkomt verdere vervolging wegens gebrek aan voldoende bewijs van opzet.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest wegens onvoldoende bewijs van opzet en voorkomt verdere vervolging.