ECLI:NL:PHR:2005:AT2971
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit van vervalst Nigeriaans paspoort met vermoeden van valsheid
Verdachte werd door het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld wegens het bezit van een vervalst Nigeriaans paspoort. Het hof baseerde zijn oordeel op bewijsmiddelen waaronder verklaringen van verdachte en een proces-verbaal van opsporingsambtenaren die constateerden dat het paspoort een valselijk aangebrachte personaliabladzijde bevatte.
Verdachte stelde in hoger beroep dat zij het paspoort van de Nigeriaanse paspoortautoriteiten had gekregen en dat het stempel naast de pasfoto niet per se op een vals paspoort duidt. Het hof achtte haar verklaring echter kennelijk leugenachtig, omdat het niet aannemelijk is dat officiële paspoortautoriteiten valse paspoorten uitgeven.
De Hoge Raad toetste in cassatie slechts of de bewezenverklaring kon volgen uit de bewijsmiddelen en vond dat het hof de juiste maatstaf had toegepast. Het verzoek om nader onderzoek bij de Nigeriaanse autoriteiten werd door het hof afgewezen wegens gebrek aan noodzaak. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde daarmee de veroordeling.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van verdachte wegens bezit van een vervalst paspoort waarvan zij redelijkerwijs moest vermoeden dat het vals was.