ECLI:NL:PHR:2005:AS2683
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid gemeente voor schade door weigering bouwvergunning hoteluitbreiding
Eiser vroeg in 1989 een bouwvergunning aan voor uitbreiding van zijn hotel, die in strijd was met het bestemmingsplan en de gemeentelijke bouwverordening. De gemeente weigerde de vergunning in 1990. Eiser stelde de gemeente aansprakelijk voor de schade die hij leed doordat hij de uitbreiding pas in 1995 kon realiseren, toen alsnog een vergunning werd verleend.
De bestuursrechtelijke procedures liepen via de gemeenteraad en de Raad van State, waarbij het besluit tot weigering van de bouwvergunning uiteindelijk werd bevestigd vanwege strijd met het bestemmingsplan. De gemeente had echter bereidheid getoond tot het verlenen van een vrijstelling van het bestemmingsplan, maar de bouwverordening vormde een obstakel.
De rechtbank oordeelde dat de gemeente onrechtmatig had gehandeld en kende een beperkte schadevergoeding toe. Het hof vernietigde dit vonnis en wees de vorderingen af, stellende dat het besluit van 1990 formele rechtskracht heeft en eiser bestuursrechtelijke rechtsmiddelen had kunnen benutten. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en verwerpt het cassatieberoep, waarbij wordt benadrukt dat de weigering van de bouwvergunning formele rechtskracht toekomt en dat de subsidiaire vordering tot onrechtmatige daad niet toelaatbaar is.
De Hoge Raad bespreekt ook de bestuursrechtelijke procedures en het onderscheid tussen de vrijstelling van het bestemmingsplan en de vergunningaanvraag. Het arrest benadrukt het belang van het juiste gebruik van bestuursrechtelijke rechtsmiddelen door aanvragers en betreurt het schrappen van het oude artikel 20 WRO Pro, dat de procedure minder overzichtelijk maakte.
Samenvattend oordeelt de Hoge Raad dat de gemeente niet aansprakelijk is voor de door eiser geleden schade, omdat de weigering van de bouwvergunning rechtmatig was en eiser niet tijdig en adequaat bestuursrechtelijke rechtsmiddelen heeft benut.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de gemeente niet aansprakelijk is voor de schade door de weigering van de bouwvergunning.