ECLI:NL:PHR:2004:AR5402
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dringende reden voor ontslag op staande voet wegens onbereikbaarheid werknemer tijdens ziekte
In deze zaak stond centraal of het ontslag op staande voet van een werknemer door Albert Heijn gerechtvaardigd was vanwege diens langdurige onbereikbaarheid en het niet nakomen van afspraken tijdens ziekte. De werknemer stelde dat hij zich ziek had gemeld en dat er geen dringende reden voor ontslag was. Albert Heijn betwistte dit en stelde dat de werknemer zich niet had gehouden aan de controlevoorschriften en afspraken.
De rechtbank stelde vast dat de werknemer zich mogelijk ziek had gemeld, maar dat hij nalatig was geweest in het doorgeven van zijn verblijfplaats en het ophalen van post. Ook was hij na een laatste telefonisch contact op 9 februari 2001 niet meer bereikbaar geweest, ondanks herhaalde pogingen van de werkgever. De werknemer verscheen niet op de afgesproken datum en reageerde niet op aangetekende brieven. De rechtbank oordeelde dat deze omstandigheden samen een dringende reden voor ontslag op staande voet vormden, ook indien de werknemer daadwerkelijk ziek was.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp de cassatieklachten van de werknemer. De Raad benadrukte dat het niet naleven van controlevoorschriften op zichzelf niet altijd een dringende reden oplevert, maar dat in samenhang met andere feiten, zoals het niet nakomen van afspraken en het onbereikbaar blijven, dit wel het geval kan zijn. De Hoge Raad achtte het oordeel van de rechtbank niet onbegrijpelijk en binnen de marges van de rechtspraak.
De Hoge Raad wees ook op het belang van duidelijke communicatie en het risico van de werknemer om niet bereikbaar te zijn op het bij de werkgever bekende adres. De werkgever mocht aannemen dat de werknemer de aangetekende brieven niet of te laat had ontvangen. De uitspraak bevestigt dat ontslag op staande voet tijdens ziekte mogelijk is indien sprake is van een dringende reden die losstaat van de ziekte zelf.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat het ontslag op staande voet wegens langdurige onbereikbaarheid en het niet nakomen van afspraken tijdens ziekte terecht was.