ECLI:NL:PHR:2004:AR0175
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering uitkering ongevallenverzekering wegens ontbreken ongeval of infectie
Eiser vordert betaling van circa 500.000 gulden op grond van een ongevallenverzekering bij Zürich, stellende dat hij invalide is geworden door een ongeval of infectie tijdens zijn beroepsuitoefening als tandarts. De rechtbank en het hof oordeelden dat geen sprake was van een ongeval in de zin van de polis en dat onvoldoende is komen vast te staan dat sprake was van een infectie die voldoet aan de polisvoorwaarden.
Het hof baseerde zich op een deskundigenrapport en overwoog dat de allergische reacties en klachten van eiser niet als gevolg van een plotseling en toevallig ongeval kunnen worden aangemerkt. Ook was niet met voldoende zekerheid vast te stellen dat de vermeende infectie in de tandartspraktijk was opgelopen. Het hof verwierp diverse klachten van eiser over de bewijswaardering en motivering.
De Hoge Raad concludeert dat het cassatieberoep faalt omdat de klachten onvoldoende gemotiveerd zijn en het hof de bewijswaardering en motivering met voldoende zorgvuldigheid heeft gedaan. De vordering wordt afgewezen. De procedure heeft lang geduurd, mede door vertragingen van partijen en het hof, maar dit leidt niet tot andere uitkomst.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de vordering tot uitkering uit de ongevallenverzekering afgewezen.