ECLI:NL:PHR:2004:AO1777
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van bijzondere zeggenschapsrechten bij uitkoopregeling in vennootschapsrecht
In deze zaak gaat het om een geschil tussen aandeelhouders over de toepassing van de uitkoopregeling in art. 2:201a BW. Verweerder houdt vijf gewone aandelen in Fres-Co, die alle besluiten in de algemene vergadering vereisen dat ze unaniem worden genomen. Eiseres vordert uitkoop van deze aandelen, maar verweerder beroept zich op de uitzondering in lid 4 van art. 2:201a BW dat uitkoop niet mogelijk is indien aan aandelen bijzondere zeggenschapsrechten verbonden zijn.
De Ondernemingskamer heeft de vordering afgewezen met de overweging dat de eenstemmigheidseis in de statuten een bijzonder recht inzake zeggenschap inhoudt, waardoor de uitkoopregeling niet van toepassing is. De Hoge Raad stelt echter dat deze uitzondering uitsluitend ziet op prioriteitsaandelen, zoals blijkt uit de wetsgeschiedenis en parlementaire stukken.
De Hoge Raad wijst erop dat een ruime uitleg van de uitzondering tot onduidelijkheid en rechtsonzekerheid zou leiden, terwijl de wetgever juist eenvoud en duidelijkheid beoogde. Gewone aandelen met eenstemmigheidseis vallen niet onder de uitzondering, ook niet als zij feitelijk bijzondere zeggenschapsrechten geven. De Ondernemingskamer heeft dit miskend, waardoor het arrest wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen.
De uitspraak bevestigt dat houders van gewone aandelen met eenstemmigheidseis zich niet kunnen beroepen op de uitzondering van art. 2:201a lid 4 BW, terwijl prioriteitsaandelen wel onder deze uitzondering vallen. Dit geeft duidelijkheid over de reikwijdte van bijzondere zeggenschapsrechten in het kader van de uitkoopregeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van de Ondernemingskamer en bepaalt dat de uitzondering in art. 2:201a lid 4 BW uitsluitend ziet op prioriteitsaandelen.