ECLI:NL:PHR:2003:AE9049
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over voorwaardelijk opzet bij HIV-besmetting na onbeschermd seksueel contact
De zaak betreft een verdachte die werd veroordeeld voor poging tot doodslag op een minderjarige door onbeschermd seksueel contact, terwijl hij wist dat hij met het HIV-virus besmet was. Het hof had geoordeeld dat verdachte willens en wetens de aanmerkelijke kans aanvaardde dat het slachtoffer besmet zou raken, wat uiteindelijk kan leiden tot AIDS, een dodelijke aandoening.
De Hoge Raad bespreekt uitvoerig het begrip 'aanmerkelijke kans' in het kader van voorwaardelijk opzet. Er wordt benadrukt dat dit begrip niet louter kwantitatief is, maar een juridisch-normatief karakter heeft waarbij meer factoren dan statistische kansberekening een rol spelen. Het hof heeft volgens de Hoge Raad geen onjuiste rechtsopvatting gegeven over dit begrip.
Echter, de Hoge Raad constateert dat het hof in zijn nadere bewijsoverweging heeft verwezen naar een deskundigenrapport van prof. Danner dat niet als bewijsmiddel was ingebracht, wat een schending van het bewijsrecht inhoudt. Hierdoor wordt het arrest vernietigd en wordt de zaak terugverwezen naar het hof Arnhem voor hernieuwde behandeling.
De Hoge Raad wijst verder op het ontbreken van noodzaak om te reageren op een betwisting van de deskundigheid van prof. Danner zonder nadere onderbouwing. De cassatie wordt gegrond verklaard vanwege het onrechtmatig gebruik van het rapport in de bewijsvoering.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd vanwege onrechtmatig gebruik van een niet-ingebracht deskundigenrapport, met verwijzing naar het hof Arnhem voor hernieuwde behandeling.