ECLI:NL:PHR:2002:AE9025
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest belastingfraude wegens overschrijding redelijke termijn en onvolledige motivering bewijs
De Hoge Raad heeft het arrest van het gerechtshof Arnhem vernietigd waarin verdachte was veroordeeld wegens het doen van een onjuiste belastingaangifte. Het hof had geoordeeld dat de redelijke termijn niet was overschreden vanwege bijzondere omstandigheden, waaronder de complexiteit van de zaak en het horen van getuigen in het belang van de verdediging. De Hoge Raad oordeelde echter dat de redelijke termijn al ruim was overschreden vóór het horen van getuigen en dat de complexiteit van de zaak onvoldoende was gemotiveerd.
Daarnaast stelde de Hoge Raad vast dat het hof onvoldoende de inhoud van de gebruikte bewijsmiddelen had weergegeven in het arrest, terwijl dit wettelijk vereist is bij een gedetailleerde bewezenverklaring. Hierdoor kon de beslissing niet in stand blijven.
De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug naar het gerechtshof Leeuwarden voor een nieuwe behandeling en beslissing op het bestaande hoger beroep. De zaak betreft een fiscale fraudezaak met betrekking tot onjuiste belastingaangiften over de periode januari 1996 tot en met september 1997.
De conclusie van de Procureur-Generaal benadrukt het belang van een zorgvuldige motivering en naleving van de redelijke termijn in strafzaken, evenals de eis dat bewijsmiddelen in het arrest voldoende moeten worden toegelicht.
Uitkomst: Arrest van hof Arnhem vernietigd wegens overschrijding redelijke termijn en onvoldoende motivering bewijs, zaak verwezen naar hof Leeuwarden.