ECLI:NL:PHR:2002:AD9592
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt gebondenheid Metro aan aandeelhoudersovereenkomst en toewijzing vordering tot aandelenlevering
De zaak betreft een geschil over de totstandkoming en nakoming van een aandeelhoudersovereenkomst tussen Metro International AB, Metro International SA en verweerders met betrekking tot de oprichting en aandelenverdeling van Metro Holland BV.
Na onderhandelingen en een letter of intent sloten partijen een overeenkomst waarbij verweerders 9,99% van de aandelen zouden verkrijgen. Metro ontkende echter de geldigheid van de aandeelhoudersovereenkomst en richtte de BV op zonder medeweten van verweerders.
Het hof oordeelde dat er wel degelijk een bindende aandeelhoudersovereenkomst was gesloten, dat Metro SA en Metro AB voor dit doel met elkaar vereenzelvigd konden worden, en dat Metro AB gehouden was aandelen aan verweerders te leveren tegen nominale waarde. Het hof wees de vorderingen toe, ondanks het ontbreken van een expliciete bepaling over het geplaatste kapitaal in de overeenkomst.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep van Metro af. Het hof heeft de juiste maatstaven toegepast bij de beoordeling van de totstandkoming van de overeenkomst, de bevoegdheid van onderhandelaars, en de belangenafweging in kort geding. Ook is het oordeel dat Metro niet vrijstond de ondertekening te weigeren op grond van een vermeend voorbehoud van board approval voldoende gemotiveerd.
De Hoge Raad veroordeelt Metro in de proceskosten en bevestigt dat de aandeelhoudersovereenkomst bindend is en dat de gevorderde voorzieningen terecht zijn toegewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat Metro gebonden is aan de aandeelhoudersovereenkomst en veroordeelt Metro tot levering van aandelen aan verweerders.