ECLI:NL:PHR:2001:AB0903
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid zorgaanbieder bij onvoldoende representatieve cliëntenraad in zorginstelling
In deze zaak stond de vraag centraal of het bestuur van een zorgaanbieder bevoegd is om in te grijpen in de samenstelling van een cliëntenraad die niet meer voldoet aan de wettelijke vereisten van representativiteit zoals gesteld in art. 2 lid 3 van Pro de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (WMCZ).
De cliëntenraad van het Kinder- en Jeugdpsychiatrisch Ziekenhuis De Drie Vennen werd door het bestuur van Stichting Zorgcircuits niet langer als rechtsgeldige cliëntenraad erkend wegens onvoldoende representativiteit, mede gebaseerd op een rapport van de Inspectie voor de Gezondheidszorg. De cliëntenraad en enkele ouders van patiënten startten een procedure om dit besluit aan te vechten.
De rechtbank en het hof oordeelden dat het bestuur niet expliciet bevoegd is om een cliëntenraad af te zetten, maar dat het bestuur wel mag constateren dat de raad niet voldoet aan de wettelijke vereisten. De Hoge Raad bevestigde dat de zorgaanbieder gebonden is aan het reglement dat hij zelf opstelt en dat zonder een voorziening in dat reglement geen eigenmachtige wijziging van de samenstelling van de cliëntenraad mogelijk is zonder instemming van het cliëntenplenum.
De Hoge Raad benadrukte dat zowel de samenstelling als het functioneren van de cliëntenraad moeten voldoen aan de representativiteitseisen. Hoewel het bestuur in dit geval terecht constateerde dat de raad niet voldeed, had het eerst de cliënten moeten raadplegen alvorens in te grijpen. De actie van het bestuur werd uiteindelijk goedgekeurd door de ouders, die het oordeel over de representativiteit van de cliëntenraad hebben. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de zorgaanbieder niet zonder instemming van het cliëntenplenum een cliëntenraad kan wijzigen wegens gebrek aan representativiteit.