ECLI:NL:PHR:2001:AB0756
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over schadeloosstelling bij onteigening en gebruiksrecht buitendijkse grond
Deze zaak betreft een geschil over schadeloosstelling na onteigening van landbouwgrond door het waterschap in het kader van de Deltawet Grote Rivieren. Eiser exploiteert een melkveebedrijf en gebruikte naast gepachte grond ook een perceel buitendijks land van de Dienst der Domeinen onder de voorwaarde dat hij het perceel vrij zou houden van aangespoeld materiaal en afval.
De Rechtbank oordeelde dat er geen pachtovereenkomst bestond tussen eiser en Domeinen en kende geen schadeloosstelling toe voor het gebruik van het Domeinenperceel. Eiser stelde in cassatie dat hij wel recht heeft op schadeloosstelling als bezitter van het gebruiksrecht, ook al is er geen pacht.
De Hoge Raad stelt dat de Rechtbank onvoldoende heeft onderzocht op welke rechtsgrond de verplichting tot onderhoud en schoonhouden rustte en of eiser daardoor recht heeft op schadeloosstelling. De Hoge Raad benadrukt dat een gebruiksrecht, ook zonder pacht, een vergoeding kan rechtvaardigen op grond van nationale en internationale bepalingen, zoals de Onteigeningswet, de Deltawet en het Eerste Protocol EVRM.
De Hoge Raad vernietigt het vonnis en verwijst de zaak terug voor nader feitelijk onderzoek naar de aard van de rechtsverhouding tussen eiser en Domeinen en, afhankelijk van de uitkomst, naar de vaststelling van een passende schadevergoeding.
Uitkomst: Het vonnis van de Rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nader onderzoek naar de rechtsverhouding en schadevergoeding.