ECLI:NL:PHR:2000:AA4618
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van de rechtmatigheid van een prematuur uitgebroken staking bij Douwe Egberts
In deze zaak staat de rechtmatigheid van een staking centraal die op 7 november 1997 uitbrak bij Douwe Egberts (DE) vanwege onrust over mogelijke uitbesteding van activiteiten. DE had nog geen definitief besluit genomen en voerde aan dat het stakingsrecht slechts als ultimum remedium mag worden ingezet, wat in dit geval niet was voldaan.
De vakbonden stelden dat werknemers het recht hebben om vooraf voorwaarden te stellen aan onderhandelingen en dat stakingen ook in een vroeg stadium kunnen worden ingezet. De President van de rechtbank en het Hof Amsterdam oordeelden dat de staking prematuur en onrechtmatig was omdat het overleg verkennend was en er nog geen sprake was van een vastomlijnd besluit.
De Hoge Raad bevestigt dat het stakingsrecht als ultimum remedium geldt, ondersteund door het Europees Sociaal Handvest (ESH) en Nederlandse jurisprudentie. Een staking is slechts gerechtvaardigd als andere middelen, zoals onderhandelingen, hebben gefaald. In deze zaak was de staking prematuur omdat DE nog studeerde op de toekomstige distributiestructuur en geen besluit had genomen.
Toch erkent de Hoge Raad dat de door DE zelf gecreëerde onrust bij werknemers een factor is die meegewogen moet worden bij de beoordeling van de rechtmatigheid van de staking. De Hoge Raad benadrukt de terughoudendheid van de rechter bij het toetsen van de rechtmatigheid van stakingen en wijst erop dat de staking in deze zaak niet onder het beschermingsregime van art. 6 lid 4 ESH Pro viel, waardoor het strengere toetsingskader van art. 31 lid 1 ESH Pro niet aan de orde was.
De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep van de vakbonden gegrond wegens een onvoldoende motivering van het Hof over de prematuriteit van de staking en verwijst de zaak terug voor nadere beoordeling, waarbij ook de belangen van de werknemers en de door DE veroorzaakte onrust meegewogen moeten worden.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep gegrond en verwijst de zaak terug voor nadere beoordeling van de rechtmatigheid van de staking.