ECLI:NL:PHR:2000:AA4281
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vordering moeder op informatieverstrekking door Jeugdzorg en proceskostenveroordeling
De zaak betreft een kort geding waarin de moeder vorderde dat Jeugdzorg haar informatie verstrekte over haar dochter, die onder toezicht stond en uit huis geplaatst was wegens vermoedelijke mishandeling. De president van de rechtbank wees de vordering af en veroordeelde de moeder in de proceskosten, omdat Jeugdzorg reeds uitgebreide informatie had verstrekt.
De moeder ging in hoger beroep, maar het hof verklaarde haar niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang, omdat de dochter inmiddels weer bij haar woonde. Het hof veroordeelde haar tevens in de proceskosten van het hoger beroep. De moeder stelde cassatie in tegen deze beslissing.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onjuist had geoordeeld dat de moeder daardoor als in het ongelijk gestelde partij kon worden beschouwd zonder nader onderzoek naar de rechtmatigheid van de oorspronkelijke afwijzing. De zaak werd vernietigd voor zover het arrest de moeder in proceskosten veroordeelde en verwezen naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling.
De procedure illustreert het belang van een zorgvuldige belangenafweging bij niet-ontvankelijkheid en de noodzaak om kostenveroordelingen te baseren op een inhoudelijke beoordeling van de oorspronkelijke vordering.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd voor zover het de proceskostenveroordeling betreft en de zaak wordt terugverwezen voor nader onderzoek.