Conclusie
totalewinst op de juiste wijze berekend wordt en dat de activa op de juiste waarde worden gesteld; in volgende jaren gaat het om de berekening van de
jaarlijksewinst volgens goed koopmansgebruik” ( blz. 342 regels 31 t/m 34).
Parket bij de Hoge Raad
De zaak betreft een stichting die onderwijs geeft en sinds 1 januari 1982 onderworpen is aan de vennootschapsbelasting vanwege het bestaan van een winstoogmerk. De inspecteur legde een aanslag op waarbij de stichting geen goodwill mocht activeren op de openingsbalans bij de overgang van onbelaste naar belaste sfeer.
Het Hof oordeelde dat de stichting belastingplichtig is en dat volgens goed koopmansgebruik geen zelfgekweekte goodwill mag worden geactiveerd en afgeschreven. De stichting betoogde dat zonder activering van de goodwill de fiscale winst onjuist wordt bepaald, omdat waardeveranderingen uit de onbelaste periode dan in de winst worden begrepen.
De Hoge Raad bevestigt dat goed koopmansgebruik zich verzet tegen activering van zelfgekweekte goodwill bij de overgang naar belastingplicht, omdat er nog geen sprake is van winstrealisatie. De wettelijke bepalingen omtrent goodwill in de jaarrekening zijn niet van toepassing op de fiscale winstbepaling bij de overgang. De cassatie wordt verworpen en het oordeel van het Hof bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat zelfgekweekte goodwill niet mag worden geactiveerd en afgeschreven bij overgang naar vennootschapsbelastingplicht.