Uitspraak
1.De zaak in het kort
2.Het verdere verloop van de procedure
3.De beoordeling
(finishing schedule)gevoegd, dat eindigt op 30 oktober 2018 (als einddatum voor de installatie van de aluminium profielen op de bovenverdieping).
(floor plan)voor twee extra kantoorruimtes aan CPD gestuurd.
inter alia,the following work still needs to be completed:
inter alia, the fact that:
act of God(overmacht) als bedoeld in art. 2 van Pro de tweede overeenkomst en dat er daarom een
deliberation(overleg) als bedoeld in die bepaling moest komen. In lijn hiermee mocht [appellant] CPD niet onverkort houden aan de overeengekomen termijn tot en met 14 augustus 2018, ook niet zolang er nog geen
approval of both partiesals bedoeld in die bepaling was gekomen. Voor zover dit niet reeds op zichzelf het fatale karakter aan de termijn tot en met 14 augustus 2018 heeft ontnomen, dient ook de gang van zaken daarna in aanmerking te worden genomen.
unilaterally imposed deadlinemocht [appellant] niet afleiden dat CPD niet tijdig zou nakomen en dus zou tekortschieten. Anders dan [appellant] in cassatie in klachtonderdeel 3 heeft aangevoerd, mocht zij uit die opmerking niet afleiden dat CPD slechts onder andere voorwaarden dan overeengekomen bereid was om haar verbintenissen uit de tweede overeenkomst na te komen. Ten eerste houdt de tweede overeenkomst mede in dat bij een
act of Godoverleg zou volgen; ten tweede mocht van [appellant] minimaal verwacht worden dat zij om verduidelijking van deze opmerking zou vragen. Ook uit de sommatie tot betaling
in order to enableCPD om de werkzaamheden voort te zetten, mocht [appellant] niet afleiden dat CPD zou tekortschieten. Ook hierover had zij verduidelijking moeten vragen voordat zij een dergelijke conclusie zou trekken.
inter aliain de brief) te gering van gewicht zijn om de ontbinding te rechtvaardigen. Dit oordeel heeft geen van beide partijen in cassatie bestreden. Het oordeel geldt daarom nu tot uitgangspunt. Ook als de brief van 11 januari 2019 in zijn geheel beschouwd wordt, is de slotsom dat ontbinding niet was gerechtvaardigd.