Uitspraak
1.Verloop van de procedure
2.Ontvankelijkheid
3.Grieven
4.Beoordeling
“With the thereonstanding dwelling house and all appurtenances belonging thereto.”
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of het perceel grond, ontstaan door landaanwas aan het binnenwater Mullet Pond in Sint Maarten, door de eigenaar van het aangrenzende perceel via verkrijgende verjaring kon worden verkregen. Het Land Sint Maarten stelde dat het perceel nog steeds eigendom was van de overheid en dat er geen sprake was van bezit dat aan het vereiste van verkrijgende verjaring voldeed.
Het Gerecht in eerste aanleg had eerder geoordeeld dat de eigenaar van het aangrenzende perceel de volledige eigendom had verkregen van het reclaimed land. Het Land Sint Maarten ging hiertegen in hoger beroep. Het Hof nam het standpunt in dat het inbezitnemingsvereiste niet was vervuld, mede gelet op de maatschappelijke opvattingen in Sint Maarten en de bijzondere status van overheidsgrond, zeker wanneer die grenst aan binnenwater en is ontstaan door landwinning.
Het Hof oordeelde dat de overheid de oorspronkelijke bezitter is en dat het gebruik en bebouwing van het reclaimed land door particulieren niet voldoende is om bezit in de zin van verkrijgende verjaring aan te nemen. Ook de inschrijving van leveringsaktes en gedragingen van partijen wezen erop dat zij zichzelf als houders voor het Land beschouwden. Het bestreden vonnis werd vernietigd en de vordering van de eigenaar van het aangrenzende perceel werd afgewezen. De kosten werden aan deze partij opgelegd.
Uitkomst: Het Hof vernietigt het vonnis en wijst de vordering af dat sprake is van verkrijgende verjaring van overheidsgrond.