Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.OVERWEGINGEN
5.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
.
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
In deze zaak heeft het Gerecht in eerste aanleg van Curaçao op 12 januari 2026 uitspraak gedaan over het beroep van een belanghebbende tegen een aanslag inkomstenbelasting voor het jaar 2018. De belanghebbende had bezwaar gemaakt tegen de aanslag, maar het Gerecht oordeelde dat het procesbelang ontbrak. De aanslag was op 26 augustus 2022 opgelegd, en de belanghebbende had op 19 april 2023 bezwaar gemaakt. De Inspecteur heeft de aanslag op 8 september 2023 ambtshalve verminderd, wat leidde tot een vernietiging van de opgelegde boete. De belanghebbende heeft op 17 maart 2025 beroep ingesteld, maar het Gerecht oordeelde dat hij niet-ontvankelijk was in zijn beroep omdat hij niet tijdig bezwaar had gemaakt tegen de andere aanslagen voor het jaar 2018. Het Gerecht concludeerde dat de belanghebbende, ondanks zijn argumenten over procesbelang, niet in een betere positie kon komen door het aanwenden van het rechtsmiddel. De uitspraak benadrukt het belang van tijdige indiening van bezwaar en beroep en de noodzaak om afzonderlijk bezwaar te maken tegen verschillende aanslagen. De kosten van het beroep werden niet vergoed.