ECLI:NL:OGEAA:2020:506
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot levering aandeel woning en naleving echtscheidingsconvenant
Partijen zijn in 1986 gehuwd in algehele gemeenschap van goederen en in 2002 gescheiden. In het echtscheidingsconvenant van 2003 zijn afspraken gemaakt over de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap, waaronder de toebedeling van de woning aan eiseres met een hypotheeklast waarvoor beide partijen deels verantwoordelijk zijn.
Gedaagde heeft zijn aandeel in de woning echter nooit aan eiseres overgedragen, ondanks zijn ondertekening van het convenant. Eiseres vordert dat gedaagde binnen 120 dagen medewerking verleent aan de levering van zijn aandeel in de woning, met een dwangsom bij nalatigheid. Daarnaast vordert zij subsidiair betaling van haar aandeel in de hypotheekschulden.
Het gerecht oordeelt dat het beslag van de belastingdienst op de woning voor schulden van gedaagde na de echtscheiding ten onrechte op de gehele woning is gelegd en niet op zijn aandeel. Dit beslag staat de levering van het aandeel aan eiseres niet in de weg. De primaire vordering tot medewerking aan de levering wordt daarom toegewezen, evenals de dwangsom. De kosten van de procedure worden gecompenseerd zodat ieder zijn eigen kosten draagt.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot medewerking aan levering van zijn aandeel in de woning binnen 120 dagen met oplegging van een dwangsom.