Uitspraak
1.De loop van de gedingen.
moet worden gelezen.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Klager, een Nederlandse rechter die sinds 2000 deel uitmaakt van de rechterlijke macht en sinds 2013 als uitgezonden rechter bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie werkzaam was, stelde beroep in tegen een aanstellingsbesluit waarin zijn dienstverband als tijdelijk werd vastgelegd. Hij voerde aan dat zijn benoeming voor het leven was en dat het bestuur geen tijdelijke aanstelling mocht hanteren. Het bestuur stelde dat het beleid en de praktijk van tijdelijke uitzendingen van rechters al lang bestonden en noodzakelijk waren voor de Caribisering van het Hof.
Het Gerecht in eerste aanleg van Aruba oordeelde dat de benoeming voor het leven vooral de onafhankelijkheid van de rechter waarborgt, maar dat het dienstverband via een aanstellingsbesluit tijdelijk kan worden geregeld. De bedoeling van partijen was duidelijk een tijdelijke aanstelling van drie tot vijf jaar. Klager had het beroep tegen de aanstellingsbeschikking te laat ingesteld en was daarom niet-ontvankelijk. Het beroep tegen het afwijzingsbesluit om na afloop van de uitzending als lokaal lid aan te blijven was ongegrond.
Het Gerecht benadrukte dat het bestuursrechtelijk stelsel niet voorziet in nietigheid van het aanstellingsbesluit en dat klager geen gerechtvaardigde verwachting had op een aanstelling voor onbepaalde tijd. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt het beleid van tijdelijke uitzending van Nederlandse rechters bij het Hof.
Uitkomst: Beroep tegen aanstellingsbesluit niet-ontvankelijk; beroep tegen afwijzingsbesluit ongegrond verklaard.